Twee maanden geleden. De telefoon gaat.
'Met Maartje?'
'Met de secretaresse van het CVS centrum. Er is patiëntoverleg geweest en ik wil graag nieuwe afspraken met u plannen.'
Het CVS centrum. Je weet wel, die kliniek waar ik in augustus voor het laatst was. Waar ze allerlei afwijkingen vonden, maar nooit een verklaring hadden. Waar ze het alsmaar hadden over 'meer testjes' en 'grondig uitzoeken', maar waar nooit iets van de grond leek te komen. Waar ze, als ik belde, steeds zeiden dat ik 'toch echt nog even geduld moest hebben'.
O ja, dat CVS centrum. Ik moest mezelf ook even helpen herinneren.
'Goh, hallo. Wat voor afspraken precies?'
'Voor een inspanningsecho. En opnieuw de 24-uurs SPO2-meting.'
Overdonderd als ik ben stem ik toe. Kwaad zal het niet kunnen. Ook al ga ik volgende week voor het eerst naar Brussel. Meer testen zorgt voor meer kennis. En meer kennis zou eventueel sneller tot een oplossing kunnen leiden.
'Oh, ik zie dat de eerstvolgende plek pas 17 maart is. Kunt u dan?'
O ja, dát CVS centrum. Die bellen voor een afspraak en pas twee maanden later een gaatje hebben. Wat heerlijk toch dat niet alles meer van deze kliniek afhangt, maar dat ze me hopelijk binnenkort in Brussel kunnen helpen.
Maar uiteraard kan ik 17 maart. Veel anders heb ik toch niet te doen.
En ineens is 17 maart toch weer heel snel dichtbij. Dat is het fijne van weer een klein beetje een leven hebben, de dagen gaan plotseling weer heel veel sneller voorbij. Even heb ik overwogen om de afspraak morgen af te bellen, maar na de bizarre week die achter me ligt - waar toch al zoveel in het teken van mijn ziekte stond - kan dit er ook nog wel bij.
Maar eh, zo'n inspanningsecho, was dat niet hetzelfde als een fietstest - maar dan één met hartecho?
Goh, wat heb ik een zin in morgen.
Afbellen, voor je eigen gezondheid. Die inspanningstest is puur slecht voor je.
BeantwoordenVerwijderen